Hier lees je hoe je herkent of je platvoeten hebt, wat een steunzool bij een doorgezakte voetboog doet, hoeveel steun je kiest, hoe je de zool test en went, en wanneer je beter naar een podotherapeut gaat. Over het naar binnen kantelen tijdens het lopen gaat het stuk over overpronatie.
Heb je platvoeten?
Bij een platvoet is de voetboog doorgezakt: bij het staan raakt bijna de hele onderkant van je voet de grond. De voet geeft bij elke stap mee in de boog en kantelt naar binnen.
- De natte voetafdruk. Zet een natte voet op karton of een droge tegel. Loopt er een brede strook van hiel naar bal, zonder inham aan de binnenkant, dan is je voetboog laag of doorgezakt. Zie je juist een smalle of onderbroken band, dan heb je eerder een holvoet.
- De slijtage van je schoenen. Zet een oude schoen op tafel en kijk van achteren. Is de hele binnenrand afgesleten, dan kantelt je voet naar binnen.
Niet iedereen met platvoeten heeft er last van. Vaak merk je het pas aan vermoeide voeten na een lange dag, of aan pijn langs de binnenkant van de voet.
Wat een steunzool doet
Een steunzool voor platvoeten heeft een lage, stevige verhoging onder de voetboog. Die kan het doorzakken opvangen en het naar binnen kantelen beperken, en zo verdeelt hij je gewicht over hiel, middenvoet en voorvoet. Veel zolen hebben ook een hielkuip, die de hiel recht houdt, en een pelotte onder de voorvoet, die de bal van de voet ontlast.
Een zool verdeelt de druk anders, en daarmee kan een klacht minder worden. De oorzaak haalt hij niet weg. Hier helpt steun vaak meer dan zachtheid; probeer wat voor jou werkt.
Hoeveel steun je kiest
Meer steun is niet vanzelf beter. Pedag en Mysole maken voor de lage voetboog een eigen Low-uitvoering, met een lagere maar stevige boog. Daarnaast zijn er zolen met een hogere, stevige boog, zoals die van Footlogics, bedoeld voor een doorgezakte voet die ook duidelijk naar binnen kantelt. Welke van de twee prettiger is, merk je bij het passen: steun mag je voelen, maar loop je op een harde rand of een drukpunt, dan is de boog te hoog voor jouw voet. Hoge steun hoort vooral bij een holvoet, waar hij de ruimte onder de boog opvult. Hoe je een holvoet herkent, staat bij holvoet.
Zoek je vooral comfort en weinig sturing, dan is een zool met medium steun of een zacht anatomisch voetbed genoeg.
Past hij in je schoen?
- Haal het losse voetbed uit de schoen. Een steunzool vervangt het; bovenop leggen maakt de schoen te krap.
- Leg het oude voetbed op de nieuwe zool. Is de nieuwe langer, knip hem dan alleen bij als de productpagina of de verpakking het inkorten uitdrukkelijk noemt, en dan aan de teenkant, in kleine stapjes. Bij veel steunzolen ligt de voetboogsteun op een vaste plek; kies dan precies je maat.
- Ga staan en loop een paar minuten. De steun mag je voelen, maar je mag geen harde rand of scherp drukpunt voelen.
- Kijk naar de hiel. De hiel van de zool moet precies in de hielkap aansluiten; verschuift de zool, dan is de maat te klein.
Kan het voetbed er niet uit, zoals in veel instappers en ballerina’s, dan past een driekwartzool die vóór de tenen ophoudt beter dan een volle zool.
Wennen
Je voet heeft tijd nodig voor de nieuwe houding. Een steunzool voelt de eerste dagen vreemd onder de boog, en dat hoort zo. Begin met een paar uur dragen per dag en bouw dat in één tot twee weken op tot een hele dag. Oordeel pas daarna. Krijg je een drukplek, een rode plek of pijn op een nieuwe plek, stop dan meteen.
Kijk ook naar de schoen
- Een stevige hielkap houdt de hiel op zijn plek; een slappe sneaker of ballerina laat de voet alle kanten op gaan, met of zonder zool.
- Past er een duim tussen je hiel en de hielkap, dan is de schoen te ruim. Daar doet een zool weinig aan.
- Staat de schoen scheef op tafel, dan is de loopzool scheef afgesleten. Daar doet een binnenzool ook weinig aan.
Wanneer naar de podotherapeut?
Een confectiezool is gemaakt voor een gemiddelde voet met een bepaald voettype. Blijft de klacht gelijk terwijl je de steunzool al een tijd draagt, of heb je aanhoudende pijn of tintelingen, dan hoort er een podotherapeut bij. Die kan een zool op maat maken. Bij jonge kinderen zijn soepele platvoeten meestal normaal en hebben ze geen zool nodig. Doet de voet van een kind pijn, is hij stijf of is maar één voet plat, ga dan naar de huisarts; leg een kind geen confectiezool in zonder advies.
Pijn op een andere plek, zoals onder de hiel, vind je bij voetklachten per plek. Twijfel je welke steunzool bij jouw voet past? Maak een foto van je natte voetafdruk en stuur die met je schoenmaat in een bericht; we kijken mee. Steunzolen met lage, medium en hoge voetboogsteun staan bij steunzolen.